And the Oscar goes to…

Niet ons. Of ik. Of mijn bar beter gezegd.

Wanneer u dit leest is de meest recente editie van Gault & Millau uitgekomen.

Voor dat u denkt dat dit een tirade gaat worden van iemand die gefrustreerd is omdat ie geen prijs gewonnen heeft; dat is het wel en dat ben ik niet.

Ik ben wel kwaad en teleurgesteld. Kwaad op mezelf omdat ik mijn intuïtie zolang heb genegeerd, net zoals deze culinaire gids mij weer vakkundig negeerde dit jaar. Nog maar eens gepasseerd voor promotie.

Teleurgesteld in de gids, omdat na hen zoveel jaren verdedigd te hebben, en hun uitleg geloofd te hebben, te moeten vast stellen dat het uiteindelijk een hoop egotistisch geraaskal is en ze de vermoedens van subjectieve beoordeling bevestigd hebben.

Natuurlijk ga je zeggen “ja maar Rob, je review is toch mooi? Ze noemen je een voorman, iemand die anderen richting geeft, de weg wijst?”

Dat klopt. Dat staat er ook. En dat is een erg letterlijke vertaling van de Franse versie (dus is autocorrect gebruikt geweest door iemand die de Nederlandse taal niet bijster goed machtig is), bovendien al een keer of drie gebruikt de afgelopen jaren, zij het anders gefomuleerd (Trendsetter, voorman, wegwijzer) en dus rijst de vraag: als het hier dan toch zo wegwijzend, trendsettend is en ik zo een voorman; waarom worden wij er dan niet voor beloond na zoveel jaren reeds van inzet?

Tel daarbij het feit dat de rest van de review een herschikking is van de informatie die ik Gault & Millau zelf bezorgde op hun verzoek (Wat is er nieuw in uw zaak dit jaar? In uw aanbod? Klopt onze informatie nog?) en je kan jezelf echt wel gaan afvragen wat ze precies reviewen. Wanneer zijn ze dan hier geweest?

Zijn ze wel hier geweest? Ja. Toen we gesloten waren. Hoe ik dat weet? Omdat één van hun inspecteurs/medewerkers me dat in een bericht gemeld heeft. Voor een gids en dito medewerkers dewelke allen zeer actief zijn op Instagram en die mij volgen aldaar, verbaasd het me mateloos dat ze dan niet wisten dat ik gesloten was. Geen gewone sluitingsdag, nee nee, maar eentje omdat er geen personeel voor handen was. Hetgeen me noopt te sluiten omdat ik dan de service niet kan garanderen, de ervaring die ik u wil bezorgen als gast.

Dat heet dus ethiek hebben, principes en vooral absoluut geen afbreuk willen doen aan kwaliteit. Dat zijn nu toch net jandorie standpunten die een culinaire gids net zou moeten loven, maar niet dus. Ze konden me niet keuren die dag toen ze toevallig in de stad waren, en er was het afgelopen jaar enkel dat toevallig moment dat ze me hadden kunnen keuren.

Tot in Timboektoe gaan ze indien nodig voor een scheet van een chef met 4 of 5 koksmutsen, maar objectief een oordeel vellen over ALLE bars vooraleer ze de bar van het jaar uitkiezen, gaat niet.

Als ik zie welke stortvloed aan positieve reacties we kregen het afgelopen jaar van zoveel gasten die allen unaniem hetzelfde antwoord hadden voor me: we komen op veel plaatsen, we reizen veel naar New York en Azië, ik kom veel in Londen etc, maar nergens geven ze daar zulke service, omkadering, filosofie achter de drankjes, niveau van drankjes, verzorging, enz.

Als mijn gasten dat kunnen inzien, waarom dan niet een zogezegd hooggeplaatste culinaire gids?

Ligt het aan het feit dat dit soort lijstjes altijd al doorgestoken kaart waren vol van contacten, geregel achter de schermen, geheime handdrukken en afhankelijkheid van sponsors? Lees: de prijs is gesponsord door een bepaald merk en Ik heb (toevallig) niets van dat merk op mijn kaart staan.

Is dat een reden om ons niet in de prijzen te laten vallen? Ik dacht dat we erkend werden voor onze harde inzet, die onomstotelijk vaststond het afgelopen jaar, net als alle voorgaande jaren. Ik heb mijn eigen stijl ontwikkeld, mijn mensen en ikzelf hebben het maximum gegeven dit jaar onder moeilijke omstandigheden. Net als zovelen, en ongetwijfeld ook de winnaar. Daar ga ik toch van uit.

Was die winnaar dan zoveel beter dan wat wij doen? Natuurlijk niet. Velen durven zelfs niet toegeven hoe ver we staan. Ik ben blij voor de winnaar, versta me niet verkeerd. Maar het is net hetzelfde als 10 kandidaten hebben, die je allen wil spreken, die je niet inlicht dat je langskomt, dan geheel toevallig langskomt net op het moment dat je me niet kan spreken wegens gesloten (wat je perfect wist gezien het aangekondigd was op social media en je razend actief bent op diezelfde social media), erna niet meer langskomt omdat dat nu net geheel toevallig de e-n-i-g-s-t-e dag was in het hele jaar waarop je kon komen keuren, en dan maar een keuze maakt uit de 9 die geheel toevallig wel allemaal open waren op het moment dat jij toevallig langs ging.

Er is maar één probleem met die uitleg. Toeval bestaat niet. Ook toevallig: één van de top functionarissen bij de gids is geen fan van mij. Zacht uitgedrukt. Hoe komt dat?

Wel, enkele jaren geleden, in 2016, werd er tijdens de Venuez Awards, die ik later zou winnen in de categorie “Best Cocktail Bar” (zie, het kan! Ja, idd. Wanneer ze je ook effectief komen keuren en niet beweren iedereen gekeurd te hebben voor ze kiezen. Hoe kan je anders in Godsnaam beweren een objectieve keuze gemaakt te hebben wanneer je 1 kandidaat afschrijft omdat die toevallig niet open was op het door jou gekozen tijdstip??) een stevig potje gediscuteerd met voornoemde functionaris. Ik vroeg hem op de man af waarom Gault & Millau geen cocktailbars opnam in de gids, als ze dan toch zo het verschil dachten of wilden maken met Michelin? “Omdat cocktailbars geen culinaire meerwaarde hebben” was het antwoord. Ik ben blij dat twee Antwerpse collega’s naast me stonden toen dat gezegd werd, anders zou men me nog verwijten te liegen.

Geen culinaire meerwaarde. Laten we vooral het feit negeren dat bartenders even lange dagen (zelfs langere) dan chefs draaien, even minitieus te werk gaan in hun bars als koks in hun keuken, even zorgvuldig hun producten uitkiezen, zoveel mogelijk zo niet alles vers bereiden, research doen, constant uitproberen om te verbeteren en ga zo maar door. We doen gewoon hetzelfde als koks op topniveau, maar dan vloeibaar.

De man was niet opgezet met mijn aanhoudende manier van druk zetten. Een jaar later boekte hij me via een collega op een event dat hij in Brussel co-organiseerde. We spraken een fee af voor de prestatie. Eens daar gekomen bleek er amper iets in orde te zijn. Ik vergeet nooit hoe ik daar serieus moest improviseren, veel langer en meer moest werken dan geboekt en zelfs , wegens slechte logistiek van hun kant, in de nachtwinkel tegenover de eventlocatie extra voorraad moest gaan halen.

Ik stuurde nadien mijn factuur. En heb toen zeven maanden mogen wachten op mijn betaling. Herinneringen, aangetekende zendingen, aanmaningen: niets haalde iets uit.

Mijnheer zijn uitleg? Het bedrijf waaraan ik de factuur had moeten opmaken was eigenlijk maar een postbusbedrijfje waarvan de briefwisseling maar een keer of twee à drie per jaar gecontroleerd werd. Ik vergeet nooit de honende, hautaine toon die ik van hem kreeg per mail: het kon hem niks schelen, hij betaalde de interesten en boetes niet, geen schadevergoeding en ik mocht blij zijn dat ik überhaupt mijn geld nog zou krijgen.

Tot mijn advocaat een briefje stuurde. Toen stond het geld plots op mijn rekening binnen 48u.

Ik zuig dit niet uit mijn duim. De mails die ik bewaard heb, samen met alle briefwisseling (dat moet je met een bedrijf) staven dit. Hopelijk speelde dat niet mee in het oordeel van dit jaar of de afgelopen jaren…

In elk geval heb ik mijn buik vol van dit gedoe. Rankings in het algemeen staan bol van lobbywerk, net als de Oscars in de filmindustrie. Het is niet per sé de beste film die wint, maar degene die achter de schermen al vroeg, lang en goed lobbywerk levert. En sommigen kunnen zich dat beter veroorloven dan anderen. Ze hebben vennoten, partners of medewerkers die dat deel van het imago-building werk voor hun rekening kunnen nemen. Ik heb dat niet en ben reeds jaren aangewezen op alles alleen te moeten doen.

Zo ook in onze industrie. Natuurlijk zijn de winnaars ook harde werkers, natuurlijk doen ook zij hun best. Uiteraard verdienen zij ook erkenning en ik ben blij voor hen.

Maar er is context: de progressie die hier gemaakt is ondanks alle gekende tegenslag van Covid die voor allen gelijk was, maar ook alle voorgaande tegenslag, tegenwerking en vooroordelen die ik heb moeten doorstaan en desondanks overwonnen heb, de onaflatende inzet al 30 jaar nu bijna in dit vak, en al 8 jaar met Koks&Tales waarvan nu haast zeven op de huidige locatie…

Ik ben in de afgelopen dertig jaar extreem hard behandeld geweest, mishandeld, misbruikt zelfs, geslagen, gestampt, uitgekafferd voor het grootste vuil der aarde. Ik kreeg ketels en Paco-Jet potten (in een niet zo ver verleden) recht op mijn neus gesmeten zodat mijn gezichtslijn paars zag gedurende weken…alles heb ik geslikt, uit alles heb ik geleerd. Steeds werd ik beter in wat ik deed. En hoezeer sommigen het ook niet willen toegeven of horen: ik ben nu éénmaal goed in wat ik doe na al die tijd.

Zelfs drie gevierde topchefs gaven dat toe, bewierrookten me ooit voor mijn vaardigheden, inzet, kennis, werkethiek enz. Tot één van mijn laatste werkgevers me compleet verguisde en zwart maakte bij één van hen nadat ik bij diezelfde van hen gesolliciteerd had. Waarom dat zwart maken? Ik had ter stond een einde gemaakt aan mijn dienst bij voornoemde chef nadat deze racistische uitspraken had gebruikt tegen één van zijn personeelsleden. Je mag mijn of iemand’s huid vol schelden indien we onze job niet goed doen, maar je gram halen door iemand uit te maken wegens zijn of haar afkomst pik ik niet. Ik nam een standpunt in, ging terstond, en mijn dank was dat mijn carrière gefnuikt werd.

Ik heb er geen minuut spijt van gehad. Voor iemand die zo is wil ik niet werken en de beste jaren van mijn leven geven. Voor degene die zijn leugens zomaar gelooft en nadien gaat rondbazuinen dat hij zijn kont afveegt met mijn CV (nadat hij me eerst voor zowat heel Vlaanderen loofde) haal ik mijn neus op. 3 sterren of niet. Niet dat het hem kan schelen. Maar ik geef nooit geld uit in zijn restaurant. Ik zal nooit nieuwsgierig zijn naar zijn eten.

Wat mij betreft kunnen de gidsen mijn flinke balzak kussen. Ik laat mijn gasten hun opmerkingen welgevallen. Hun verbaasde blikken van voldoening en oprecht respect voor de geboden kwaliteit gedijen.

En Gault & Millau? Ze zullen ongetwijfeld een uitleg klaar hebben. En waarschijnlijk gaat die in de trant gaan van “maar we hadden nog andere controles uitgevoerd” of “ach, er is altijd volgend jaar”.

Maar indien jullie die controle uitgevoerd hadden, dan hadden jullie moeten vaststellen dat jullie bar van het jaar dit jaar in Hasselt lag. En dat het verdomme hoog tijd was. Dus jullie hebben die controle niet uitgevoerd. Bijgevolg kan je ook niet claimen een objectieve beoordeling gemaakt te hebben. Zeker niet wanneer je een review schrijft met mijn woorden.

Dit jaar was mijn jaar, en jullie weten het. Maar je kan maar zo vaak smoezen bedenken om dat niet te laten gebeuren.

Geen smoesjes meer. Geen dankbaarheid voor iemand die niet dankbaar is dat wij hen een excuus geven om over ons te schrijven. Zonder ons, geen gids. Zonder gids blijven wij bars openen alsook restaurants en streven naar kwaliteit en welbehagen van onze gasten.

They need us more than we need them.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: